‘Eetstoornissen komen veel voor onder topsporters’

Auteur: Redactie Sportinnovator

28-12-2018

Karin de Bruin is één van de vijf winnaars van de Nationale Sportinnovator Prijs 2018 met Body Project NL. Een training die het probleem van eetstoornissen bij sporters moet voorkomen. ‘Een methode die eerder toegepast wordt, vóór het misgaat.’

De Bruin werkt al jaren als sport- en prestatiepsycholoog en heeft zich altijd verbaasd over hoe vaak eetstoornissen voorkomen bij topsporters. ‘Ik heb veel mensen behandeld en weet dat als de stoornis zich eenmaal heeft ontwikkeld, het een enorme strijd is om er weer vanaf te komen. Dat heeft me gemotiveerd om een trainingsprogramma te willen uitrollen dat het probleem moet voorkomen in plaats van genezen.’

Dat wordt een training voor sporters zelf met ook een aparte module voor de trainers. De Bruin: ‘Voor de sporters komt het in het kort neer op kennis en inspiratie over hoe een topprestatie te leveren, mét behoud van gezondheid. Dat is in de topsport sowieso al een hele uitdaging. De trainersmodule richt zich ook op het herkennen van een eetstoornis bij een sporter.’

'Gezond' BMI zegt niet alles

Want eetstoornissen bij sporters zijn vaak moeilijker te detecteren, stelt De Bruin. En dat is gevaarlijk. ‘Het wordt onderschat. Ik heb cliënten gehad die hulp bij instellingen werd geweigerd omdat ze wel een gezond BMI hadden. Die sporters hebben dan wel veel spiermassa, maar vrijwel geen vet.’ Ook de sportcultuur werkt eerder tegen dan mee, volgens De Bruin. ‘Het is sporters-eigen om geen zwakte te tonen. Ze doen zich sterker voor. Dat wordt in stand gehouden door mythes in de sport. Een vechtsporter die drie dagen voor de wedstrijd leefde op 1 schijfje kiwi en mega snel afvalt. Die wordt dan gezien als held, die veel over heeft voor zijn sport.’

Eetstoornissen komen op topniveau in een aantal typen sporten veel voor, weet De Bruin inmiddels. Esthetische sporten zoals turnen en dansen (‘hoe je lichaam eruit ziet kan de score beïnvloeden’), sporten met gewichtsklassen (‘sporters die uitkomen in de klasse onder 60 kilo, maar normaal 68 kilo wegen’) en duursport (‘elke kilo die je meedraagt vertraagt’).

Gestarte pilots

Door haar jarenlange ervaring heeft De Bruin veel kennis opgedaan en op kleinere schaal ook al veel aan dit probleem gedaan. Met de Nationale Sportinnovator Prijs wil ze nu alles bij elkaar brengen en een goed en structureel product neerzetten.

Inmiddels zijn er al vier pilots gehouden. In het turnen, dansen, cheerleaden en een online variant voor triatlon. De Bruin: ‘Wat we willen is een app toevoegen aan de trainingen, voor de sporters. Zodat ze ook na de trainingen nog informatie kunnen krijgen.’ Uit vragenlijsten voor en na de pilots blijkt dat de trainingen resultaat hebben. Sporters geven bijvoorbeeld aan minder voor het ‘dunheidsideaal’ en meer voor het ‘fitheidsideaal’ te gaan. De Bruin: ‘Van de dansschool waar we de pilot deden kregen we enthousiaste reacties dat ze meer dansers gezond zagen eten en daardoor gezonder zagen presteren.’

Raakvlakken tussen topsport en eetstoornissen

Grofweg kan De Bruin de sporters die ze in de afgelopen jaren heeft behandeld indelen in drie groepen. Als eerste talentvolle jonge sporters die voor het eerst in een topsportomgeving komen. ‘Die voelen druk en zien ervaren en dunnere sporters goed presteren.’ De tweede groep krijgt verkeerd advies, of op een verkeerde manier. ‘Een trainer die zegt: twee kilo minder is beter voor de belastbaarheid van je knie. Hoé ze dan moeten afvallen, daar is vaak weinig tot geen begeleiding in. Sommige sporters worden zo op het verkeerde spoor gezet en gaan door alle grenzen heen.’ De laatste groep worstelt al met een eetstoornis, maar gebruikt de (top)sport als dekmantel.

Er zijn helaas raakvlakken te vinden tussen topsport en eetstoornissen, stelt De Bruin. ‘Het perfectionisme bijvoorbeeld. Veel mensen met een eetprobleem zijn perfectionistisch en als topsporter moet je dat ook zijn. Daarnaast is in de sport een strak lichaam ook van belang.’ Topsport voegt nog een laag toe, qua druk en perfectionisme. Maar ook in de breedtesport komen eetstoornissen voor, volgens De Bruin. ‘Denk bijvoorbeeld aan fitness, sporten met een schoonheidsideaal.’

In haar trainingen wil De Bruin bewustzijn creëren, maar wel op een positieve manier. Daarnaast komen gezonde eetgewoontes aan de orde, maar bijvoorbeeld ook hoe je naar jezelf kijkt in de spiegel. ‘Een danser die jaren zei: mijn benen zijn te dik en te kort is gaan omdenken. Ze kwam tot de conclusie dat ze met haar gespierde benen juist heel goed pirouettes kan draaien.’

©2015 Amsterdam Institute of Sport Science (AISS)
;